Treinleven in de Baikal Express (Heen en Onweer deel 6)

Deze ochtend word ik even na vijven al wakker door een oude jeugdkwaal die de kop op steekt: astmatische bronchitis. Na zoveel dagen van walmende steden en stoffige hotelkamers krijg ik het ’s nachts erg benauwd in onze kleine, dichte en stoffige treincoupé van de Baikal Express. Ik doe de gordijnen open en zie dat het al redelijk licht is. De ramen kunnen helaas niet open, dus ik doe het schuifdeurtje naar de gang maar open. Waarschijnlijk hoest ik nu iedereen wakker, maar ik knap wel met de minuut op van de iets frissere lucht die nu onze coupé binnenstroomt.

Rapper Def P maakt met zijn vrouw Fenske een wereldreis per trein over het noordelijk halfrond. Zijn avonturen heeft hij opgeschreven in het boek Heen en Onweer en zijn deels op onze site te lezen. In dit deel wordt met de Baikal Express vanaf Moskou de lange reis richting Siberië gemaakt over het tracé van de beroemde Trans-Siberië spoorlijn.

Hoesten

Even later hoor ik aan het gehoest om me heen dat ik niet de enige ben die last heeft van de benauwde lucht in de trein. Hoe dan ook, het fascinerende uitzicht maakt alles meer dan goed. Na een nacht stevig doortreinen met de Baikal Express zijn we nu in een bosrijke omgeving terechtgekomen die af en toe wordt onderbroken door een bizar schouwspel. Dit wordt veroorzaakt door grote, oude, industriële terreinen, vermoedelijk krachtcentrales, met kleine dorpjes daar omheen. En waar zo te zien nog steeds mensen wonen.


De centrales zijn allen in een zeer vervallen staat. Overal roest, brokstukken en verval. De dorpjes om de centrales heen bestaan niet uit leuke, kleine huisjes, maar uit enorme hoge, grauwe flatgebouwen die je eerder in een grote stad zou verwachten dan midden in een bos. Alles is grijs, vies, vervallen en uitgestorven. De hoge flats staan er eenzaam bij en lijken compleet misplaatst tussen alle eindeloze stukken bos in.

Siberische stad

Post-apocalyptische wereld

Er hangt nog een dikke ochtendnevel, die het geheel doet overkomen als het decor van een spookachtige filmscène. Het is net een post-apocalyptische wereld. Af en toe zie je nog antieke stoomlocomotieven op verlaten rangeerterreinen staan, gehavend tussen compleet verroeste treinwagons, waarvan de ramen zijn vervangen door grote spinnenwebben. Nergens is een spoor van leven te bekennen. Hier en daar kan je aan het wapperende wasgoed zien dat er nog steeds mensen wonen, maar die zijn om deze tijd waarschijnlijk nog in diepe rust.

Dit zijn van die bijzondere momenten die je nooit meer vergeet

Alle straten en wegen zijn leeg. Alleen het monotone geluid van de Baikal Express die langzaam voorbij dendert is te horen. Ik word er stil van. Er valt ook niets te zeggen, want iedereen in de trein ligt nog te slapen. Dit zijn van die bijzondere momenten die je nooit meer vergeet.

Improviseren

Het leven in deze trein is vooral improviseren. Na het poepen volgt nog altijd het kont afvegen, maar daarna moet je creatief zijn. Om mijn handen te wassen neem ik steeds een slok bronwater en spuug dit boven mijn handen uit in het wasbakje. Dat gaat best prima eigenlijk. Ik hoop alleen van harte dat onze kok aan boord wel stromend water heeft.

Later op de dag raken we aan de praat met twee Brabanders, die ook op de trein meerijden. Het zijn twee oude vrienden van elkaar. De ene is advocaat en de andere agent. Ze zijn allebei getrouwd en hebben ook kinderen. Ze mogen van hun vrouwen een lange reis maken. De mannen hebben het dus mooi voor elkaar en maken er een gezellige boel van.

Reizen is ontdekken

Het gesprek gaat al snel over de hygiëne aan boord. De slimme advocaat zegt dat hij een truc heeft ontdekt om water uit de kraan te krijgen. Je moet gewoon een soort lipje aan het tuutje van de kraan optillen en dan komt er water uit. En verdomd, het werkt! Dat was nog eens een nuttig gesprekje. En ook fijn om eens een advocaat met schone handen te ontmoeten.

Landschap met berkenbossen

Het landschap blijft voor de rest van de dag redelijk gelijk. Oneindig lange stukken berkenbos, hier en daar een krachtcentrale en soms wat kleine dorpjes met bouwvallige, houten huisjes. Af en toe lijken de volledig van hout getimmerde huisjes wel op de cowboydorpjes die je kent uit westerns. De trein dendert gestaag verder en het is net of de rit steeds verder teruggaat in de tijd. Hoe meer we naar het oosten trekken, hoe armoediger alles wordt. En hoe ouderwetser en primitiever de mensen daar leven.

Alles is hier zo anders dan thuis, dat ik het juist ontzettend fascinerend en avontuurlijk vind

Ik kan me voorstellen dat sommige mensen dit als een deprimerende rit kunnen ervaren, maar alles is hier zo anders dan thuis, dat ik het juist ontzettend fascinerend en avontuurlijk vind. Er heerst hier een verlatenheid die in schril contrast staat met alle drukte van de grote steden waar we eerder doorheen reisden. Je ziet vanuit deze trein alleen maar plekken waarvan je zeker weet dat je er normaal nooit van je leven zou komen, of zou willen komen. En de trein raast er onverstoord langs. Het leven in zo’n dorpje is vast geen pretje.

Vieze toiletten

Het enige probleem dat wij hier hebben zijn vieze toiletten. Om de ranzigheid in de trein een beetje te compenseren, besluiten we om de beste gerechten van ons treinrestaurant uit te proberen, met een goede fles wijn erbij. In ieder geval weet ik nu dat de kok stromend water heeft. Een hele opluchting! En zo rollen we alsmaar verder richting het verre oosten. Af en toe stopt de trein een uurtje om in zo’n dorp te laden of te lossen en er wat mensen in en uit te laten. Vooral de rokers maken dankbaar gebruik van deze schaarse stops.

Baikal Express

Net voor het donker wordt, stoppen we in de stad Perm. Het is nog best een grote stad met ongeveer een miljoen inwoners, maar ook hier is het armoe troef zo te zien. We zouden nu vlakbij het Oeralgebergte moeten zitten, maar daar zullen we ’s nachts pas doorheen rijden en er daarom helaas weinig van merken of zien.

Het wordt tijd om een goed boek te lezen. Fenske is ondertussen gezellig aan het babbelen met twee dames die in Perm zijn ingestapt. Het zijn een moeder en een dochter uit Amsterdam. Ik kan me heel moeilijk iets voorstellen bij een leuke tijd in Perm als ik de boel zo bekijk. Later hoor ik dat dit ook niet bepaald het geval was.

In Perm was ooit Perm-36 gevestigd, één van de meest verschrikkelijke strafkampen ooit, gebouwd onder Stalin in de Sovjet-periode. Dit kamp kon je het beste met een Nazi-concentratiekamp vergelijken. Tegenwoordig kun je er een soort museum-excursie doen en dat hadden de dames gedaan. Interessant en indrukwekkend? Ja. Maar leuk? Nee!

Het is wel opvallend dat hier geen enkel uniform op het station staat. Dat is in Moskou wel anders. De enigen die hier nog autoritair doen, zijn onze eigen provodniks. Maar ach, die bedoelen het tenminste nog goed. Voor de rest heb ik het niet zo op al die Russische smerissen overal.

Boomloze vlakte

Als ik de volgende ochtend rond een uur of zeven wakker word, staan we stil in een redelijk grote stad. Vermoedelijk is het Tyumen, aan de andere kant van het Oeralgebergte. Als we daar wegrijden, wordt het uitzicht van de inmiddels vertrouwde berkenbossen steeds dunner en verandert het landschap langzaam in een boomloze vlakte. Zo heb ik mij de typische Russische toendra ook voorgesteld, waar ik vroeger op de lagere school over moest leren.

Af en toe rijden we langs kleine, verweerde dorpjes met houten huisjes en een bruine, verroeste watertoren in het midden. Als je hier zou uitstappen en mooie zwart-wit foto’s maakt met zo’n ouderwets sepia-tintje, dan zou menigeen zweren dat het foto’s uit het oude Wilde Westen zouden zijn. In werkelijkheid hobbelt onze trein precies de andere kant op, naar het steeds ruiger wordende oosten. Maar de hele grap van een wereldreis is natuurlijk dat je zo uiteindelijk toch nog in het westen uitkomt.

De boze stofzuiger

De twee norse provodniks van onze wagon proberen alle treinreizigers in een juist ritme te krijgen door ’s ochtends vroeg alle coupédeuren brutaal open te schuiven en te stofzuigen. En dat zonder te kloppen of een woord te zeggen. Waarschijnlijk onder het motto: ‘wij wakker, iedereen wakker!’ En mocht iemand hiervan nog niet helemaal wakker zijn geworden: even later gaat er een schelle luidspreker aan met slechte, Russische popmuziek met een hoog campinggehalte.

Met het kleine beetje water dat ik uit de kraan krijg in het krappe wc- en badkamerhokje, fris ik mijn gezicht, nek en oksels wat op en voel me daarna weer als na een duik in een frisse oase. Als ik onze coupé weer binnenkom, zie ik dat Fenske ondertussen thee heeft gezet en een zak met kleine chocoladecroissantjes tevoorschijn heeft getoverd. Gezellig!

Treinleven

Het leven in de trein is best goed te doen zo. Met een paar kussens in je rug kun je heerlijk luieren op je bed, terwijl je Rusland in een sneltreinvaart voorbij ziet trekken. Na alle dagen van tientallen kilometers lopen is dit voor ons een welkome afwisseling.

Surrealistisch landschap

Later op de middag verandert het landschap opnieuw. Kilometers lang zien we alleen maar spierwitte bomen zonder ook maar één blaadje er aan. Het ziet er allemaal behoorlijk dood uit, maar een Russische dame verzekert me dat alles nog leeft. Vreemde bomen vind ik het maar. Spookachtige, witte stammen zo ver als je kijken kan. Een surrealistisch landschap.

Na een flinke poos rijden komen er eindelijk weer wat bomen in zicht waar wel wat groens aan hangt. We zien nu ook steeds meer open vlaktes tussen de bomen, wat het uitzicht aanzienlijk bevordert. Voor de rest nog steeds de krachtcentrales, oude fabrieken, houten dorpjes en af en toe een compleet verlaten en vervallen stad. Inmiddels is dit al geen verassing meer, maar het blijft een fascinerend landschap om doorheen te rijden.

Telkens als we even stoppen bij een stadje, wordt ons van alles aangeboden: goedkope sigaretten, bontmutsen, gerookte vis. Allemaal typisch Russische handelswaar. We halen wat noodles en drank en maken er een klein feestje van in onze coupé. Voor treinreizigers maken we het aardig laat, zeker voor de lokale tijd.

Transsiberië Express

Tijdens de gehele Transsiberië Express wordt de Moskou-tijd aangehouden om allerlei vergissingen in de reisplanning te voorkomen. De klokken op de stations geven de hele route dan ook braaf de Moskou-tijd aan, maar een paar meter buiten het station is het al snel uren later. Wijzelf zijn ook duidelijk een beetje in de Moskou-tijd blijven hangen. Wanneer we straks aankomen in Irkutsk, zijn we vanaf Moskou vijf tijdszones doorgereden. Best een vreemd idee dat we dan toch nog een jetlag kunnen krijgen van een treinreis. Niet eens zo gek dus dat de provodniks ons steeds vroeger wekken.

De dames leven met ons mee. De jongste van de twee komt nu zelfs al twee keer per dag bij ons stofzuigen. Zonder kloppen komt ze binnen en ook het zwijgen en het niet groeten blijft ze stug volhouden. Zelfs als je haar gedag zegt of bedankt in je beste Russisch. Het lijkt een typisch Russische gewoonte te zijn om de hele dag boos te kijken en toeristen compleet te negeren. Waarschijnlijk heeft ze ook weinig lol in haar baan. Hoewel er natuurlijk heel wat ergere dingen te verzinnen zijn dan treinstewardess.

Veel natuur

Deze ochtend word ik al om half vijf wakker. Deels door benauwdheid, maar ook omdat we weer stilstaan en omdat het alweer licht is. De trein wiegt je de hele nacht in slaap als een baby, dus juist van stilstaan word je dan wakker. Net of je plotseling uit een lange trance ontwaakt. Even later rijden we een (zo te zien) klein stadje uit en wordt het landschap heuvelachtiger en minder begroeid. Kleine meertjes in volgelopen dalletjes maken het uitzicht soms erg schilderachtig.

SRC Reizen Siberie

De afgelopen dagen hebben we zó veel natuur gezien, dat het ons nu juist opvalt als we in de verte opeens een auto zien rijden. Eigenlijk het omgekeerde van Nederland. Je ziet hier ook bijna nergens verharde wegen. Je vraagt je soms echt af hoe de bewoners hier bij hun afgelegen, houten dorpjes moeten komen bij slecht weer.

De koperen bedrading van het spoor naast ons rijgt alle mooie plaatjes aan elkaar als een reusachtige naald en draad door een stapel foto’s. Ritmisch golft de draad op en neer, terwijl ik rustig zit te schrijven over het leven in de trein. De rode draad van mijn verhaal.

Sneeuw in het zomerseizoen

Hoe dieper we Siberië inrijden, hoe kouder het wordt. Dit mag dan wel bijna het zomerseizoen zijn, maar hier en daar ligt er evengoed nog een plukje sneeuw. Doordat ze overal alleen maar Russische letters gebruiken, is het vaak moeilijk of onmogelijk om te bepalen waar we precies zijn.

Steeds probeer ik de woorden te vertalen naar een kaart met westerse letters die we wel uit kunnen spreken. Zo reden we net weer langs een ondefinieerbare stad met wijken van hoge grauwe flatgebouwen die zo vervallen zijn, dat je je niet voor kan stellen dat daar nog mensen in wonen. Zelfs de ergste getto’s in het Westen staan er nog mooi bij, vergeleken met Rusland.

We worden overal nog steeds aangestaard alsof we buitenaardse wezens zijn

Na het zien van al die ingestorte fabrieken ga ik me ook steeds meer afvragen waar de mensen hier hun geld mee verdienen. In ieder geval geen massatoerisme, want we worden overal nog steeds aangestaard alsof we buitenaardse wezens zijn. Als we weer eens bij een klein stationswinkeltje een product aanwijzen met een paar vingers in de lucht voor het gewenste aantal, voelen we ons ook wel een beetje zo.

Vroeg opstaan

Deze avond eten we op tijd, om vroeg te kunnen slapen. Morgen moeten we er namelijk zeer vroeg uit. Volgens de Moskou-tijd, die we nog steeds redelijk gewend zijn, moeten we er zelfs om vier uur al uit. Ons langste treintraject zal nu snel ten einde komen. Het was een interessante en relaxte reis, maar we verheugen ons nu ook zeer op een frisse douche en een bed dat stilstaat. Om nog maar te zwijgen over heerlijk buiten lopen door de frisse lucht. We zijn zeer benieuwd naar Irkutsk en het Baikalmeer, dat daar vlakbij ligt.

De wekker staat al. We gaan wel naar bed, maar ik ben nog niet moe. Vanonder de dekens kijk ik door het raam. Een uitermate relaxte manier van reizen. Omdat onze coupé nu aardedonker is, kan je ook ’s avonds prima naar buiten kijken. Het uitzicht blijft pure armoe. Qua bouwstijl een soort kruising tussen Osdorp en de Bijlmer, maar dan compleet vervallen. Een groot, blank getto.

Dronken Russen

Dit wordt nog maar eens onderstreept door drie jonge, dronken Russen die ’s nachts door onze trein heen struinen. Zo te zien hebben ze niet veel goeds in de zin. Omdat ik vanwege mijn benauwdheid het luik nog steeds open heb, zien ze dat ik ze in de smiezen heb en gaan ze gelukkig gauw weer weg. Eén van de jongens herken ik, omdat hij die middag ook al vuil naar me keek in de restauratiecoupé.

Fenske had toen het idee dat mijn tatoeages agressie opriepen bij de wat primitievere plattelands-Russen, maar het kan ook zijn dat hij gewoon één van de vele Russen is die het niet zo op toeristen heeft. Hoe dan ook, ik bleef hem gewoon aankijken en toen liep hij boos weg, terwijl hij een soort wegwerpgebaar maakte. Ik vraag me af of sommige buurten in de Russische steden net zo gevaarlijk zijn als – pak ‘m beet – Compton in Los Angeles. Ik hoop het niet voor ze.

De andere helft van dit hoofdstuk is te lezen in het boek Heen en Onweer van Def P, waarin de avonturen van zijn wereldreis worden gekoppeld aan verhalen uit het leven van Def P. Behalve de landen en gebieden die hij aandoet tijdens zijn treinreis (Duitsland, Polen, Wit-Rusland, Rusland, Siberië, Mongolië, Tibet, China, Japan en Canada) bevat het boek ook bijzondere uitstapjes naar onder meer het Cuba van Fidel Castro, een Bosnië in puin, het Spanje van de toeristen, de achterbuurten in de VS begin jaren ’90 en de sloppenwijken van Zuid-Afrika.

Def P

Vragen? Suggesties? Of jouw reishonger delen?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je mag alleen HTML tags en attributen gebruiken:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>