Een vroege wandeling met volle bepakking brengt me naar een pleintje waarop wat minibusjes geparkeerd staan. Op een hoek staat een groepje mannen te praten, of eigenlijk vooral te roken. ‘Zadoi?’, vraag ik. ‘Zadoi, Zadoi’ gaat het door het groepje. Een gedrongen man met een pokdalig gezicht wijst naar een leeg busje, waarin ik gauw de plek met de meeste beenruimte bezet hou. Ik ben eindelijk op weg naar Zadoi, de eerste bewoonde plaats aan de Mekong.

Een jaar eerder typte ik de coördinaten van de Mekong in Google Maps, tekende de loop van de rivier na en keek langs die lijn op Google Earth of er iets te zien was. Het eerste dat ik vond leek een groot tempelcomplex, met een vrij specifiek cluster van rijen stupa’s en erachter een piramide van gebedsvlaggen. De naam die erbij stond was Zadoi.

Zadoi: cluster van rijen stupa's

Gebedsvlaggen en stupa’s op Google Earth

Deze in geen enkele reisgids voorkomende plaats aan het einde van de provinciale S309 is mijn doel.

Minibusstation Yushu

Minibusstation

Uit de stad de leegte in

Het duurt nog ruimt een uur maar dan is het busje geheel gevuld met een mengsel van Chinese mannen in stropdasloos pak, een paar monniken in oranje gewaden, een jong Chinees stel met serieuze blikken en zware brillen, een paar traditioneel geklede Tibetaanse vrouwen en wat boeren met de rode verweerde gezichten. Het begin van de rit voert door de buitenwijken van Yushu, een stad die na een aardbeving in 2010 geheel herbouwd is. De lage flatgebouwen zijn uitgevoerd in afgewisselde pasteltinten uit het bruine spectrum en voorzien van wat Tibetaanse decoraties. Al snel verlaten we de stad en volgt een gebied dat bovenal leegte uitstraalt. Het busje stopt ieder uur, waarna alle mannen uitstappen om gehaast enkele sigaretten achter elkaar te roken. Roken is hier grotendeels het domein van mannen. Na een klein uurtje stopt het busje op een schijnbaar willekeurige plek langs de weg. Twee van de boeren stapppen uit en verdwijnen in een niemandsland achter een heuvel. Een jonge Tibetaanse vrouw maakt van de ruimte gebruik om naast me te gaan zitten zitten.

Conversatie met de smartphone

Ze is nieuwsgierig wat ik hier komt doen en wil graag haar Engels oefenen, een kans die ze in deze contreien niet veel krijgt. Haar naam is Tsalpa, haar stem zacht en bescheiden met een nogal zwaar accent, wat niet ongebruikelijk is in China waar de meeste docenten in hun Engels ook voornamelijk uit boeken hebben en weinig horen en spreken. Zoals veel jongeren in China gebruikt ze een vertaalapp op haar smartphone als ondersteuning. Bij Tibetanen is die smartphone bijna altijd een iPhone, omdat Apple de eerste was die de Tibetaanse taal en  het Tibetaanse schrift ondersteunde.

Als het busje voor een slagboom stopt typt ze wat geheimzinniger op haar telefoon, zo lijkt het. ‘Maybe they wont let you go Zadoi’, leest ze van het schermpje. Ik word een klein vierkant gebouwtje in gewenkt dat een politiebureau blijkt te zijn. Een corpulente agent zit achter een met paperassen overladen bureau. ‘Do you have the relevant document’, vraagt hij. Ik geef hem mijn paspoort, dat hij fronsend doorbladert, onder grote belangstelling van de overige inzittenden van het busje. ‘You have friend in Zadoi?’ ‘Hotel’, antwoord ik terwijl ik zo vriendelijk mogelijk probeer te glimlachen. Tsalpa zegt ook nog een paar woorden en de agent geeft me glimlachend mijn paspoort terug. ‘You can go Zadoi’.

Onverharde wegen en ruige bergen

‘I said him tourist – traveller’, meldt het mobieltje als we weer in het busje hebben plaatsgenomen. De politiepost blijkt gelegen aan het eind van het verharde deel van de weg. Het gaat nu verder over smalle roodgekleurde bergpaden langs diepe ravijnen, met uitzicht op besneeuwde zwarte toppen.

De weg naar Zadoi

De weg naar Zadoi

Een paar uur later markeert een touw over de weg het punt waar deze weer verhard wordt. Een volgende politiepost. Ditmaal inspecteren vier jonge, strak in het zwart geklede, agenten het busje en de inzittenden. Ze bladeren uitvoerig door de visa in mijn paspoort. ‘Calling superior’, laat Tsalpa’s schermpje zien als één van de agenten zijn mobiel pakt. In het bijzijn van de agenten durft ze niet hardop tegen met te spreken, zo lijkt het. De agent spreekt in zijn mobiel, kijkt enigszins moeilijk en toetst nogmaals een nummer. Nadat hij zijn gesprek heeft beëindigd spreekt hij de chauffeur toe. ‘In Zadoi you register with police. Driver take you’, meldt Tsalpa’s telefoon.

Het busje rijdt verder en niet veel later stroomt de Mekong, diepbruin van kleur en traag meanderend langs de weg. Even verder begint Zadoi. Of eigenlijk Zahutengzen op zijn Chinees ofwel Qapugtang op zijn Tibetaans. Zadoi is eigenlijk de naam van het district, al noemt iedereen ook de plaats Zadoi. Het busje stopt bijna halverwege het stadje voor een rijtje eenvormige restaurants waar thee met gestoomde broodjes wordt geserveerd. Ongeveer op de plek waarop ik al via Google Earth een busstop meende te ontwaren.

Registeren bij de Politie

Ik blijf als enige passagier achter in het busje, de chauffeur rijdt een paar blokken verder en draait een grote binnenplaats op die omzoomd wordt door twee verdiepingen hoge barakachtige gebouwen. Een agent verschijnt uit een houten keet aan het eind van de lange zijde en ik geef hem mijn paspoort, dat hij uitvoerig en langdurig door begint te bladeren zorgvuldig de visa in vreemde talen en schriften bestuderend. Ik vraag het document terug en sla het open bij het Chinese visum. Hij knikt en verdwijnt de straat op richting kopieerwinkel, terwijl de chauffeur mijn bagage neerzet en wegrijdt. De agent komt terug met mijn paspoort en een kopie. Hij geeft me mijn paspoort terug en gebaart dat ik kan gaan.

Zadoi

Zadoi bereikt

En geen woord Engels

Op straat is geen woord Engels te bekennen. Maar hotels zijn ook hier herkenbaar. Als ik het eerste dat ik tegen kom binnenloop blijkt het voorzien te zijn van de in ongeveer het hele land standaard borden waarin de beschikbare soorten kamers zowel in het Chinees als het Engels zijn vermeld. En van de al evenzo standaard set grotendeels stilstaande klokken, die de tijd in belangrijke wereldsteden moeten weergeven. De jongen achter de balie is gelukkig van de generatie die met twee duimen Chinese karakters intypt op zijn smartphone om mij vervolgens het Engels op zijn schermpje te tonen en al spoedig heb ik voor zo’n 25 euro een ruime kamer aan het eind van een met witte lakens bedekt gangenstelsel.

Hotel in Zadoi

Hotelgangen

Ik ga zo snel mogelijk naar buiten en loop langs de rivier naar het object uit Google Earth. Als snel wordt de virtuele indruk vervangen door een echte. Er zijn wat stupa’s bijgebouwd, maar het is onmiskenbaar mijn bestemming.

Zadoi-Qapugtang stupa's en gebedsvlaggen

Zadoi-Qapugtang stupa’s en gebedsvlaggen

Vervolg: Waarom rijden die nomaden in deze afgelegen plaats in dikke SUV’s?

Zie ook de fotospecial: De bovenloop van de Mekong.

Theo

Ik hou van reizen en fotograferen. Liefst lang en naar verre oorden, al ‘doe’ ik natuurlijk ook stedentrips. De mogelijkheid om mijn herinneringen te kunnen ondersteunen en delen zorgde ervoor dat fotografie een heel belangrijk element is geworden tijdens het reizen. Ik heb gemerkt dat ik er ook anders van ga kijken. En uit kijken en beleven volgen verhalen.
Theo

Vragen? Suggesties? Of jouw reishonger delen?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Je mag alleen HTML tags en attributen gebruiken:

<a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>